Op 23 maart j.l. was er wederom een door alle deelnemers als zeer geslaagd beschouwde studiemiddag van ons Genootschap. Deze keer was het thema Oedipus.
We lazen gezamenlijk een flink deel van de oorspronkelijke tekst van Sophocles’ Oedipus. Daarna waren er drie inleidingen over drie psychoanalytische perspectieven (Freud, Fromm en Jung) op en naar aanleiding van de grote tragedie. De inleidingen inspireerden tot boeiende uitwisselingen van inzichten, referenties en klinische ervaringen.
Hieronder vindt u links naar de samenvatting van de Mythe volgens Sophocles en de teksten van de drie inleidingen:
met aansluitend borrel bij nabij gelegen Café Chris
Zaterdag 23 maart 14:00 – 17:00 Bloemgracht 189 A-1, Amsterdam
De mythes van Koning Oedipus, Oedipus bij Colones en Antigone, zijn vooral bekend uit de trilogie van Sophocles (496 v.Chr. – 406 v.Chr.). Met name Koning Oedipus is door Freud op een bepaalde manier begrepen en psychoanalytisch geduid. Latere duidingen van de de Oedipus mythes, waaronder die van Erich Fromm en van Jungiaanse analytici bieden voor de praktijk interessante en relevante perspectieven.
Dit is het tweede seminar georganiseerd door het Psychoanalytisch Genootschap C.G. Jung. Het staat open voor genodigde collega’s en beoogt voortgezette kennismaking met collegae aan de hand van wat hopelijk een paar inspirerende inleidingen en discussies zullen worden.
Programma: 14:00 Ontvangst 14:30 Oedipus de mythes, inleiding (Hans van den Hooff) 15:00 Oedipus bij Freud, korte inleiding (Arthur Eaton), discussie 15:45 Oedipus bij Fromm, korte inleiding (Sander Nieuwenhuizen), discussie 16:15 Oedipus bij Jung, korte inleiding (Hans van den Hooff), discussie 17:00 Einde programma en Borrel
De studiemiddag staat open voor leden en kandidaten van bij de IAAP en IPA aangesloten verenigingen. U kunt zich aanmelden door voor 9 maart a.s. een e-mail te sturen aan secretariaat@npgj.link. Het aantal deelnemers is beperkt.
Afgelopen zaterdag was er een mooie studiemiddag over de mythes van Medusa en Perseus met aansluitende een zeer interessante rondleiding in de Bibliotheca Philosophica Hermetica in Amsterdam.
We lazen drie verschillende versies: Hesiodos, Apollinarus en Ovidius. Hoe later de dichter hoe romantischer het verhaal. Bij de vroegste versies is er veel aangeboren ruigheid. Er was een presentatie over Freud’s opstel over Medusa en één over het Jungiaanse perspectief. Bij Freud ligt er een zwaartepunt bij castratie-angst en het geslacht van de moeder, bij Jung is er ook de associatie met de negatieve moeder en Anima. Bij Edinger is Medusa ook symbool van angst voor het onbewuste in het algemeen. Het oer-aspect van Medusa correspondeert met de diepste lagen van de psyche en is daarom belangrijk voor de psychoanalyse.
Een vraag die aan het einde opkwam is: kan Medusa naast dat ze verstenend object is en een soort totem ook gezien worden als een subject met een eigen innerlijk leven?